bubblesnaarmarokko.reismee.nl

Safi-Sidi Kaouki

Woensdag 14 november 2018: Na een rustige nacht op de camperparkeerplaats in Oualidia hebben we de kustweg zuidwaarts vervolgd. De staat van de weg is over het algemeen niet echt goed, met name in sommige dorpen is de wegtoestand heel erg slecht, soms is er ook opeens een mooi geasfalteerd stuk. We hadden ergens gelezen dat in Lalla Fatna het uitzicht op de kust en zee heel mooi moest zijn, dus daar zijn we naartoe gereden. Op de parkeerplaats stonden 2 duitse campers die daar overnacht hadden. Hoewel er een ketting op de grond lag over de weg, was een parkeerwachter nergens te  zien. Inderdaad een erg mooi uitzicht en na een kwartiertje hadden we het wel gezien. Inmiddels was de parkeerwacht verschenen en toen we weg wilden rijden gaven we hem maar de 5 dirham die op het bord aangegeven stonden. Een vriendelijke brede grijns met een mond met twee tanden was ons deel. De omgeving was erg groen, vast dankzij de regen van de laatste weken. Vervolgens zijn we gestopt in Safi, de stad van de pottenbakkers. De parkeerplaats in de pottenbakkerswijk was niet druk en we mochten parkeren op een strook voor bussen. Het was pas 11.00 en de winkeltjes waren nog bezig met opstarten. Er verscheen onmiddellijk iemand die ons naar de ovens van de pottenbakkers wilde brengen, dat aanbod hebben we vriendelijk afgeslagen. Na een rondje door het straatje met pottenbakkers zijn we naar de souk gegaan, op zoek naar de Portugese kathedraal. De vorige keer dat we in Safi waren was die niet open. Er is ook een Spaanse kerk, maar die is dichtgemetseld en dus niet toegankelijk. We raakten in gesprek met een man die zei dat hij visser was en voor een nederlands bedrijf had gewerkt. De Nederlanders betaalden goed. Hij bleef herhalen dat hij een goed mens was en het leuk vond om met buitenlanders te praten en geen geld wilde. Hij was inderdaad erg aardig en wist veel van de geschiedenis van Safi. Hij wees ons al kletsend de weg naar de Portugese kathedraal uit 1519. De toegangsprijs tot de kathedraal was nogal hoog, 50 dirham per persoon. De Kathedraal was grotendeels verwoest en er was nog maar een heel kleine ruimte te bezichtigen. Wij vonden de prijs veel te hoog voor wat we te zien kregen. Daarna wees de man ons op straatjes in het deel achter de souk en nodigde ons uit voor thee. Dat weigerden we beleefd en we bedankten hem voor zijn gezelschap. Toen bleek de man toch niet zo “goed”; Hij wilde ons Marokkaans geld als souvenir geven in ruil voor 50 eurocent. We vertelden hem dat we helemaal geen euro’s hadden, daarna wenste hij ons een prettig verblijf in Marokko. Het souvenirgeld dat hij ons wilde geven had echter een waarde van 15 cent. Overigens waren de straatjes Spaans/Portugese stijl achter de souk wel leuk om te zien.  Vanuit Safi zijn we verder naar het zuiden gereden. Door een ontzettend vieze fabrieks en visverwerkings wijk in Safi, vervolgens veel industrie en toen voorbij de nieuwe haven in aanleg. Daarna weer gewoon een landelijk beeld met veel zicht op de zee. We zijn geland ten zuiden van Essaouira, op een camping in Kaouki beach, via 11 km zandpiste omdat er aan de weg gewerkt wordt. De camping is pas een jaar oud en nog niet helemaal afgebouwd. Het lijkt ook meer op een grote parkeerplaats met grote parkeervakken en hoort bij een eveneens onafgebouwd bungalowcomplex. 7 bungalows zijn af en ingericht, worden ook verhuurd. Ze zijn mooi ingericht en best wel luxe. Het geheel wordt niet afgebouwd omdat het geld op is. Dat lijkt meer voor te komen, de  Marokkaanse plannen blijken vaak vele malen ambitieuzer dan de rek in hun bankrekening.

Donderdag 15 november: Kaouki beach is een erg rustig voormalig hippie-dorpje met wat accommodaties en enkele restaurantjes. Er is ook een Marabout (mausoleum) maar dat wordt vooral in augustus bezocht door de berbers. Op het strand was het best druk voor dit seizoen, er zijn kamelen, paarden en quads voor een ritje over het strand, je kunt er surfen en kitesurfen. Er stond een stevige wind en dat was blijkbaar het juiste weer: op zeker moment waren er 10 kitesurfers actief, vooral west-europeanen.  Het is een mooi kilometerslang breed zandstrand. Om 16.00 werd het zwaar bewolkt en haalden de verhuurders van strandstoelen met parasol snel hun spullen binnen. Het strand is redelijk schoon, maar de duinenrij ligt vol plastic en eenmaal buiten de bebouwing lijkt het wel een grote vuilstortplaats. Alles aan huisvuil wat je kunt bedenken is gestort langs de weg, er wonen dan ook heel wat wilde honden en katten. Hadden we de laatste jaren het idee dat de rommel beter werd opgeruimd, langs de kust en met name op deze plek is van opruimen helemaal niets te zien, lijkt de rotzooi berg alleen maar erger dan ooit.  Op de camping komen regelmatig vis verkopers langs, gisteren wilde iemand ons een grote krab verkopen.

Oualidia

Maandag 12 november 2018: Het is in de nacht begonnen met regenen en het heeft bijna heel de dag geregend, een binnenzit dag dus. Er zijn weinig campertoeristen onderweg in dit seizoen, maar toch hebben we alleen in Cala Iris en bij de watervallen alleen gestaan tijdens een overnachting. We kregen vandaag weer nieuwe buren, een italiaan en een Engels Buscampertje. De engelsen bleken twee mannen, de een een ras engelsman, de ander een Marokkaan die 40 jaar in Engeland had gewoond, maar 12 jaar geleden was teruggekeerd naar Marokko. Ze waren altijd buren geweest en de twee maakten nu samen een rondreis Marokko en willen als het lukt nog doorreizen naar Senegal.

Dinsdag 13 november 2018: Het heeft nog bijna heel de nacht wat geregend, maar vanmorgen was het gelukkig droog en scheen de zon. We zijn via een erbarmelijk slechte kustweg 80 km naar het zuiden gereden, Aan de weg werd over vele kilometers wel gewerkt. De omgeving was  in eerste instantie niet mooi, veel industrie, brandstof opslagtanks en een grote elektriciteitscentrale, maar daarna weer veel landbouw, heel veel velden met worteltjes, witte kool, bloemkool en mooie pompoenen. Natuurlijk ook weer de schapen en geitenkuddes en wat koeien. Opvallend veel groepen mannen pratend langs de weg. Tussen de weg en de duinrand heel veel waterbekkens. Oesterteelt? In elk geval is de oesterteelt erg belangrijk in Oualidia, onze eindbestemming voor vandaag. Oualidia ligt aan een mooie lagune. Oualidia heeft geen camping, maar een bewaakte parkeerplaats voor campers dicht bij de kust. Op die parkeerplaats proberen handelaren je vanalles te verkopen, de een is nog niet vertrokken of de volgende komt zijn koopwaar aanbieden, meestal vis. Een eigenaar van een rondvaartbootje komt zijn rondvaart over de lagune aanbieden, 10 euro voor een volledige rondvaart. Ali-met-de-witte-kist komt langs of te vragen of wij Tajine willen eten, die wordt dan door zijn vrouw gemaakt en bij de camper bezorgd, een maaltijd voor 100 dirham(ong. 10 euro). We hebben een Tajine besteld voor vanavond en zijn daarna naar de lagune en kust gewandeld. Een prachtige kust met duinen en rotsen waartegen de golven opspatten. Op het strand staan tafeltjes en stoeltjes die horen bij de mobiele restaurantjes; je kunt er vers gevangen vis eten die ter plekke voor je wordt gegrild op de bbq.  Een heel apart gezicht. Het sezoen is duidelijk over, er zijn geen toeristen en de meeste restaurantjes en de paar hotels die er zijn, zijn gesloten. Toch hebben de strandrestaurantjes eters. Een man heeft zee egeltjes in een mandje en wil ons die verkopen, helaas hebben we geen interesse. Vreemd genoeg zagen we geen winkeltjes met toeristische prullaria.

El Jadida

Zaterdag 10 november 2018: De camping in Marrakech heeft enkele weken geleden na hevige regenval onder water gestaan, een groot deel van een buitenmuur is helemaal verwoest, voor de rest zie je weinig meer van de wateroverlast. We zijn vandaag vanuit Marrakech via de N1 naar El Jadida gereden. Weer een afwisselend landschap: woestijn met weinig begroeiing, heuvels en een deel groen en vlak. Overal landbouw, er werd flink gewerkt op de velden; geploegd met ezels of muilezels, soms op grote akkers werd geploegd met trekkers. Er werd ook gezaaid, meest met de hand.  Een groot deel van het gebied na de woestijn werd bevolkt door herders met grote kuddes schapen en geiten, soms ook koeien, maar de hoeveelheid koeien per boer is beperkt en de koeien worden vaak vastgezet bij het groen dat ze mogen eten. Je ziet dan ook dat een grasland zeer systematisch kaalgevreten wordt. De regio oogt niet welvarend al staan er soms hele mooie huizen. Er werd ook weer van alles te koop aangeboden langs de weg: fruit, handtassen, grote watermeloenen, cactusvijgen.

In El Jadida zijn we per fiets naar het centrum gegaan, Er is nl een oud Portugees stadsdeel(fort) bij de haven met een Cisterne(waterkelder) die we graag wilden zien.  

De Cisterne stamt uit 1541 en werd gebouwd door de Portugezen. Over de wallen van het Fort kun je lopen, Op elke hoek staan torens met kanonnen tussen de kantelen. Er is ook een kerk uit die tijd en een synagoge. De laatste twee zijn niet meer in gebruik als gebedshuis en waren vandaag ook niet open voor bezichtiging.  Het stadsdeel binnen het fort is niet bijzonder, maar de Cisterne is wel waard om te bezoeken, de entree was wel wat duur, 6 euro voor buitenlanders, 1 euro voor Marokkanen.  In de Cisterne kwamen we een Canadese dame tegen, zij was met een cruiseschip in Casablanca en van daaruit per trein naar El Jadida gekomen. Zij moest om 23.00 weer terug zijn op het schip. Vanuit de muren rond het fort heb je uitzicht over zee en de stad. Op de  muren kwamen we een Nederlander tegen die vrijwilliger is voor PUM. PUM is een Nederlandse vrijwilligersorganisatie die zich richt op duurzame ontwikkeling van het midden- en kleinbedrijf in ontwikkelingslanden en opkomende markten. Hij was in gezelschap van een Marokkaan en samen probeerden ze de paar grote veeboeren die er zijn de melkproduktie wat te laten vermeerderen, de hygiene te verbeteren en kleine kaasmakerijen te beginnen, maar dan moet er wel een afzetmarkt worden gevonden. Werk genoeg voor de PUM medewerker dus.  Op de terugweg naar de camping mochten we in de buurt van het stadion niet verder fietsen, wel lopen over het trottoir. De hele omgeving van het stadion was verkeersvrij en er was erg veel politie op de been omdat er vanavond een voetbalwedstrijd is.

 Zondag 11 november 2018: De gemeente camping in El Jadida ligt dicht bij het centrum en bij het strand. Het is ook een mooi park met gras en bomen, maar niet zo goed onderhouden. Het sanitair echter verdient die naam niet. Gelukkig hebben we ons eigen sanitair. Douchen kan ook op de camping, tegen betaling van 5 dirham opent iemand dan een van de huisjes voor je en zet een stokoude huishoudgeiser voor je aan. De badkamer in de huisjes is opmerkelijk goed voorzien: een wasbak met spiegel en planchet, toilet, bidet en douche, en waarempel er komt zonder onderbreking heerlijk warm water uit de douchekop.  Vanmorgen was het op het strand heel erg druk, wandelende mensen, en veel voetballende jeugd. Terug op de camping kwam er een jonge Marokkaanse naar ons toe en vroeg of we Duits konden praten. Ze wilde blijkbaar graag haar duitse spreekvaardigheid oefenen. Ze vertelde sinds 4 maanden duitse les te volgen omdat ze in Januari in Duitsland medische technologie wil gaan studeren. Ze sprak opmerkelijk goed duits na zo’n korte tijd les. Tegen vieren is de siesta voorbij en zijn we naar het centrum gegaan. Daar begon net de straatverkoop van vooral kleding en schoenen. De permanente marktkraampjes worden dan aangevuld met extra karretjes en uitgespreide lakens met spullen. Heel de stad lijkt wel aanwezig op de markt. Bij sommige kraampjes is het zo druk, dat het lijkt of alles voor niets is. De marktkooplui prijzen natuurlijk met luide stem hun koopwaar aan. Tegen zessen hebben we in een restaurantje voor 45 dirham per persoon een menu( frites, kebab en een enorme gemengde salade) laten inpakken om dat thuis op te eten. Met ons avondmaal goed verpakt zijn we over de boulevard teruggefietst naar de camping. Het strand was nu niet zo druk, maar op de boulevard was het heel erg druk met wandelende gezinnen, er staan veel snoepkarretjes en er zijn elektrische autootjes voor kinderen.  Terug op de camping maar even de watervoorraad aangevuld en het vuile water afgevoerd. Er wordt voor morgen veel regen voorspeld, dan komt van die huishoudelijke karweitjes ook niks terecht. We hebben besloten hier te blijven totdat de regen voorbij is.

olijven

Vrijdag 9 november: Als we Ouzoud verlaten is het nog rustig, de toeristen komen pas na elf uur want de reistijd vanaf Marrakech is 3 uur.  Marrakech is ook ons doel als tussenstop naar El Jadida. De weg vanuit Ouzoud is wel heuvelachtig, maar aanzienlijk vlakker dan de heenweg vanuit Beni Mellal.  Ergens in de heuvels liggen een dode moederezel met haar jong langs de weg, triest. Veel landbouw wederom en op zeker moment rijden we alleen nog maar tussen de olijfboomgaarden, de olijvenoogst lijkt nu pas te beginnen. We passeren een ontelbare hoeveelheid olijven perserijen, ze verkopen tevens olijven op sap in 5 liter flessen. Die flessen staan bij de reclameborden voor elk bedrijfje. Voor de perserijen liggen grote hoeveelheden olijven op een zijl. De persen bestaan uit een grote bak met daarin 2 op hun kant staande ronde stenen, De stenen  draaien rond en zo worden de olijven uitgeperst, het sap loopt in een bak naast de pers.

 We komen door twee grotere plaatsen waaronder Tanant waar honderden tieners de straat blokkeren, In tanant is de sfeer wat grimmig, er is geen politie en de volwassenen staan van afstand toe te kijken. Uiteindelijk gaan ze wel voor ons opzij, temeer daar er een toeterende vrachtwagen achter ons rijdt. 30 km verder weer honderden tieners die de weg blokkeren, maar daar zijn politie en leger aanwezig en kunnen we rustig doorrijden. Het blijkt dat de scholieren op deze manier protesteren tegen gewijzigde schooltijden. Omdat de wintertijd wordt afgeschaft heeft de overheid de schooltijden wat veranderd, de scholieren vinden dat daardoor hun biologisch ritme en de eettijden in de war raken???

Cascades d'Ouzoud

Woensdag 7 november: Na een koude nacht scheen weer op tijd de zon. Om 08.00 kwam de receptionist van de camping bij elk kampeermiddel een gratis stokbrood bezorgen. Na de overnachting afgerekend te hebben zijn we verder naar het zuiden gereden met als doel de Ouzoud watervallen. Best een pittige afstand, maar wij weten geen overnachtingsplek tussen Azrou en Ouzoud. We reden door een zeer divers landschap: vlak met land bouw en fruit, bergachtig met rotsen, bergachtig met naaldbomen. Deels vrij vlakke weg, deels bochtig en de laatste 45 km heel erg bochtig met veel hoogteverschil, maar prachtige vergezichten. Onderweg passeerden wij ook nog een stuwmeer dat maar half gevuld was. In een paar plaatsen waar we doorheen reden was weekmarkt, dus een enorme chaos en drukte op straat. In het centrum van M’rir werd de weg geasfalteerd, daardoor was er wat weinig ruimte voor het verkeer. Beide richtingen verkeer moesten een krappe 2 banen delen, dat ging niet goed. Er stond een auto geparkeerd op de tegemoetkomende baan, een bus kon er niet voorbij door de tegemoetkomende file. Uiteindelijk lieten de asfalteerders enkele auto’s over het nieuwe asfalt rijden zodat de bus verder kon. Een taxi was sneller en ging voor de bus stil staan. Patstelling en heel veel getoeter.  Wat getrek en geduw en veel gebaren tijdens een opstootje bij de taxi, de chauffeur werd aangepakt.  De asfalteerders werden ook wanhopig van de files van weerskanten en het gedoe en lieten een aantal auto’s waaronder ons over het nieuwe asfalt en tussen de asfalteermachines door verder rijden zodat het verkeer weer op gang kwam. Tegen vijven arriveerden we in Ouzoud, waar het echte toeristenseizoen ook voorbij is en alle parkings vechten om klanten, dus overal mannetjes die ons dwingend een richting aangaven. We waren op weg naar een parkeerplaats met voorzieningen bij een restaurant( restaurant Amalou) en vlak bij de watervallen, dus daar zijn we ook heen gereden ondanks de mannetjes op de weg. We werden onmiddellijk begroet door de parkeerplaatsbewaker, mochten zelf weten waar we gingen staan tussen de olijfbomen. Er is elektra en een hagelnieuw toiletgebouwtje. Het echte toeristenseizoen is voorbij werd ons verteld, dus rustig in het plaatsje.

Donderdag 8 november 2018: Op een blaffende hond na was het vannacht doodstil. Vanmorgen zijn we naar de waterval gelopen, je kunt naar de bovenkant en naar beneden, waar het water verder stroomt. Alles gaat via een geplaveid pad en trappen, heel veel traptreden tot onder de waterval, heel veel restaurantjes liggen er aan dat pad. Er zijn ook aapjes die je kunt voeren, pinda’s worden in de winkeltjes in de buurt verkocht. Door alle nevel van het vallende water was er vanochtend een mooie regenboog te zien. Onder aan de waterval kun je met een vlot nog dichter bij de waterval komen. De watervallen zijn de hoogste van Afrika en best de moeite waard om te bezoeken. We hebben ook een stukje het pad via de bovenkant gevolgd, maar dat is minder spectaculair. Het echte toeristenseizoen is over en het was ook niet echt druk bij de waterval, maar bij terugkomst op onze overnachtingsplek stonden er toch 13 toeristenbusjes die even na drie-en hun gasten weer lieten instappen en aan de 3 uur durende terugreis naar Marrakech begonnen. Elke avond komt er een oude Marokkaan thee drinken en een kaartje leggen of kletsen bij het restaurant. Hij heeft in de 70-er jaren even in Nederland gewoond en vervolgens tot zijn pensioen in Frankrijk. Zijn 8 kinderen wonen in Frankrijk. De man is 82, maar ziet er opmerkelijk fit uit. Vandaag trakteerde hij ons op koffie. 

Naar Azrou

Maandag 5 november: Vannacht is het gaan stormen, maar het bleef droog. De zonsopkomst boven de zee was mooi om te zien, kort daarna verdween de zon achter de regenwolken. Toen we vertrokken in Cala Iris miezerde het een beetje. 40 km hobbelige zandpiste en toen een route Nationale, de N8 vanaf Tanguist naar Fez. De Weg loopt hoog door de bergen van het Rif gebergte en bestaat uit een ontelbare hoeveelheid haarspeld bochten. De wegkwaliteit was niet best, ongelijke stukken en gaten in het asfalt. Maar het ergste was de mist, dichte mist en regen, we hebben dus minstens 100 km in dichte mist gereden. Van de omgeving hebben we helaas niets gezien. Hier en daar was een rijbaan versperd door vallend gesteente en zand. In de paar dorpjes die we doorreden was de weg heel erg slecht en er stond veel water. Op een plek was heel de weg verdwenen, er was een modderige omleiding gemaakt en er werd aan reparatie gewerkt.

Heel het gebied straalt niet echt welvaart uit, ook hier werd veel geploegd met de hulp van een ezel, de akkertjes zijn veelal klein. Veel huizen zijn weliswaar van steen maar niet groter dan een dubbele container. Pas na Taounate werd de weg beter, was de mist opgetrokken en konden we doorrijden. Het lanschap is vlakker, de akkers zijn groot en je ziet veel meer moderne tractoren en landbouw werktuigen. Wel zijn grote  delen erg nat, er lopen een paar rivieren door het gebied, nu echter netjes stromend binnen hun zomerbedding. We hadden 7 uur gereden over 220 km toen we in de stromende regen op de camping in Fez aankwamen. De camping is best druk, met name doordat er een grote reisgroep staat. Het is een grote modderpoel en het was lastig een plek met harde ondergrond te vinden. Deze keer maar eens gaan eten in het parkrestaurant, dat viel niet tegen, ze serveren een aardige maaltijd voor een schappelijke prijs.

Dinsdag 6 november 2018: Gisteravond rond 21.00 stopte de regen en vanmorgen scheen de zon weer. Frisjes was het wel en de camping was nog steeds een grote modderpoel. Boodschappen bij de Marjanne en toen naar Azrou, 60 km zuidelijker. De weg vanuit Fes naar het zuiden is kilometers lang een 4 baans weg met een brede hoge betonrand tussen de beide rijrichtingen. Veel mensen hebben echter land of wonen in een dorpje langs deze weg, helaas is men vergeten kruispunten te maken. Als mensen dus naar links willen rijden moeten ze eerst vele kilometers de tegenovergestelde richting rijden tot ze ergens kunnen keren bij een rotonde.  Dat is aan de meeste Marokkanen niet besteed en dus zagen we heel wat spookrijders.  Onderweg naast de weg erg veel fruit en groenten stalletjes. In Ifrane, een skioord vallen ons altijd de Europees aandoende huizen op: van steen en met rode pannendaken. Wat ook opvalt is de vele dorps-sportvelden voorzien van kunstgras. Rond de middag waren we in Azrou, we wilden het dorp graag bezoeken, maar door de drukte ten gevolge van de weekmarkt was er chaos en geen parkeerplek te vinden. We staan nu op een prachtige camping, eurocamping genaamd. De mooie camping is onderdeel van een enorm hotelcomplex gebouwd door een of andere rijke Arabische magnaat of staat. Het complex is goeddeels ingericht, maar nooit in gebruik genomen, alleen de camping is operationeel. Zo te zien worden de tuinen goed onderhouden, we worden door een portier het terrein opgelaten. Er is nog meer bewaking aanwezig en iemand voor de receptie(de receptie is alleen in de ochtend even open?), sanitair heeft gebruikssporen maar alles werkt naar behoren. Voor de nacht staan we hier met 8 kampeermiddelen, niet slecht in dit seizoen en dan te bedenken dat hier ruim een week geleden een flinke hoeveelheid sneeuw lag en er een 100 km ten oosten van Fez een herder doodgevroren is in de sneeuw.

Naar Cala Iris

Zondag 4 november: Vanmorgen op ons gemak opgeruimd en vertrokken naar Cala Iris. Cala Iris ligt ong. 220 km oostelijk van Martil aan de middellandse zeekust. We hebben dus de N16 gereden pal langs de kust. Een bijzonder mooie route met heel erg veel haarspeldbochten en mooie uitzichten over de zee. Onderweg kwamen we leuke, nu stille kustplaatsjes tegen, de vissersbootjes lagen al weer in de haventjes, maar ook 2 aardverschuivingen. De weg was volledig geblokkeerd door zand en stenen. Er was een omleiding gemaakt zodat het verkeer toch verder kan. Waar mogelijk werd de aanwezige grond gebruikt voor landbouw; het was heel erg druk op de akkers: er werd geoogst en geploegd. Geploegd met behulp van 2 muilezels of ezels. Een enkel keer zagen we een trekker met ploeg. Bij een monding van een rivier werden ook alle landbouwdieren uitgelaten door vrouwen in traditionele kleding, soms aan een touwtje: koeien, schapen en geiten. Langs heel de kust staan hooi/stromijten van op elkaar geperst stro/hooi in de vorm van een plaggenhut of paddestoel, eroverheen een net. Het net wordt op zijn plaats gehouden door er keien aan te hangen. Hier en daar eten de geiten en schapen aan de onderkant de mijt, de vorm lijkt dan nog meer op een paddenstoel.  We hebben geluncht op een hoog punt met een geweldig uitzicht over de zee en El Jehba, een klein vissersplaatsje. Ergens lag een auto in een sloot, zo te zien was de bestuurder uitgestapt en in een klein dorpje verzamelden zich een heleboel mensen inclusief muzikanten voor iets, een demonstratie? 10 km voor Cala Iris wilden we tanken, maar de pompbediende vertelde ons dat er geen diesel meer was, en ook de eerste week niet zou zijn; door een staking geen bevoorrading. In Al Hoceima en Targuist zou wel diesel verkrijgbaar zijn. Dom genoeg zijn we niet eerst naar de camping gegaan, maar eerst om diesel. Targuist was 30 km rijden, minder km’s dan Al Hoceima, dus we reden naar Targuist. Helaas werd er aan die weg gewerkt en reden we vele kilometers piste met gaten. Daarna een een baans asfaltweggetje. 30 km in een uur; In Targuist bleek ruim voldoende diesel verkrijgbaar. Waarschijnlijk staakte alleen de leverancier van het merk van de bewuste pomp, dat had de man er niet bij gezegd en wij niet gevraagd. Na getankt te hebben wilden we niet weer die gatenpiste rijden en kozen voor een omweg via Al Hoceima. Uiteindelijk kostte het dieselverhaal ons drie uur en toen moesten we alsnog 10 km piste(zandweg) rijden naar de camping.  Net voor donker arriveerden wij op een mooi campingkje met een heel mooi uitzicht over de zee. Morgen wordt veel regen voorspeld, dus gaan we maar naar de camping in Fez.

Tetouan

Vrijdag 2 november: Vanmorgen bij het afrijden van het camperterrein in La Linea de la Concepción werkte de parkeerautomaat niet. Zonder betaling kun je er niet af. Gelukkig begon 5 minuten later de dienst van de portier en maakte zij de automaat weer functionerend. De aanwezige bewaking was daartoe blijkbaar niet bevoegd.  Aangekomen in de haven van Algeciras vertelde de ticketcontrole ons dat we mogelijk niet mee mochten met de Ferry omdat die vol was. We moesten bij het kantoortje wachten en zouden kort voor vertrek van de ferry horen of we alsnog meekonden. Balen, want de volgende Ferry vertrok anderhalf uur later.  Gelukkig mochten we even later toch aan boord. De zee was erg rustig, een prima oversteek naar Ceuta. Kwart voor tien stonden we bij de Marokkaanse grens, het was er vanuit Spaanse kant heel erg rustig. De beambte die onze paspoorten moest stempelen zat te slapen, want bij de voertuig registratie had Thieu opeens een nieuw politienummer in zijn paspoort staan. Het politienummer krijg je bij eerste binnenkomst in je paspoort gestempeld en je houdt dat nummer tot je een nieuw paspoort krijgt. Thieu’s paspoort is pas 1 jaar oud. De ambtenaar snapte er niks van, maar na uitleg dat zijn collega ws. had zitten slapen vertelde hij dat het nieuwe nummer voortaan het geldige nummer is. Wel vulde hij vlotjes het oude en nieuwe politienummer in op de formuliertjes.  We zullen bij terugkeer wel beleven wat dat weer voor discussie gaat opleveren.  Daarna naar Tetouan om een telefoonkaartje met internettoegang te kopen, het kaartje van vorig jaar was verlopen. Dat werd snel voor ons geregeld door een dame van Maroc Telecom. Rond de middag waren we op de camping in Martil. Het is op de camping erg rustig, de temperatuur was aangenaam en de zon scheen regelmatig. Het is vrijdag en dan is het biddag voor de moslims, dat hebben we geweten: de moskee heeft ruim een uur de gebedsdienst via een luidspreker wereldkundig gemaakt. We hebben nog een wandeling over de boulevard gemaakt, geen vakantiegangers meer, maar rond vijven heel veel lokale bevolking op het strand en de boulevard. Er stonden weer snoeptentjes, ballonnenverkopers en elektrische autootjes waar de kinderen tegen betaling kunnen rijden. Er werd gevoetbald op het strand en de boulevard.  We kwamen dicht bij de camping een echtpaar met kind tegen, toen het kind Bubbles wilde aaien bleek het echtpaar vlekkeloos Nederlands te spreken; Ze zijn, na opgegroeid te zijn in Nederland,  een paar jaar geleden verhuisd naar Marokko en hebben het goed naar hun zin.

Zaterdag 3 november: Vanmorgen scheen de zon al op tijd stralend en was de temperatuur al vroeg aangenaam. Na een avontuurlijke douchebeurt (wel warm water-geen warmwater) zijn weg op weg gegaan naar Tetouan. De bedoeling was om per groepstaxi naar Tetouan te gaan, maar uiteindelijk werd het een privetaxi, de rit van ong. 13 km moest iets minder dan 6 euro kosten. De taxichauffeur zette ons af op een plein in het centrum waar onmiddellijk een man verscheen die zich aanbood als gids. Nog opmerkelijker was dat er een man opdook die gisteren zijn hulp aanbood bij de grensformaliteiten. We hebben hem een hand gegevn en zijn op pad gegaan.  We liepen door een mooie lange winkelstraat en kwamen uit bij het koninklijk paleis. Het paleis is niet bijzonder om te zien, wel was er heel veel politiebewaking aanwezig. De oude medina en de souk liggen achter het Paleis wist een spraakzame agent ons te vertellen. De souk begint met een straat vol sieradenwinkeltjes. De smalle straatjes zijn allemaal gevuld met winkeltjes, voedingswaren, groenten en fruit, kleding, smeedwerk,  leder. Alles heeft weer zijn eigen deel van de souk. Soms zijn hele straatjes gevuld met mensen die hun eigen geteelde groenten komen verkopen. Opeens kwamen we uit bij de leerlooierijen; een klein binnenterrein met allemaal lege bassins. Je kon er gewoon naar binnen lopen. W.s is de looierij niet meer in gebruik. De hele medina is ommuurd en is erg oud met smalle straatjes, alles wit geverfd (spaanse overheersing), met diverse toegangspoorten. Er liggen diverse moskee-en in de medina. Er ligt ook een grote Katholieke kerk in het centrum, maar die was helaas gesloten, de synagoge hebben we niet gevonden. Na enkele uren zwerven door de wirwar van straatjes zijn we op een terras in de grote drukke (moderne) winkelstraat wat gaan drinken.  Op geen enkel terras zaten vrouwen, nou ja, behalve ik dan en het was leuk om naar de diversiteit in kleding van de voorbijgangers te kijken, we hebben over heel de dag welgeteld vier europeanen gezien en enkele groepen Aziaten met reisbegeleider.  Na wat zoekwerk vonden we een paar taxi’s bij een tankstation, de eerste was klaar met werken, die wilde geen klanten meer, maar een andere taxi was snel gevonden. De man wilde ons terugbrengen voor 10 euro, maar dat vonden we te duur, na wat onderhandelen bracht hij ons morrend voor ong. zes euro weer terug naar de camping in Martil.  We hebben daarna nog even van een heerlijk zonnetje kunnen genieten.